De vergoddelijking van Jezus en Empedocles

De verhalen rond het levenseinde van Jezus van Nazaret en die over de Siciliaanse filosoof Empedocles (ca. 490 – 430 v.Chr.) hebben een opmerkelijke overeenkomst: beiden verdwenen met lichaam en al van de aardbodem. Het is daarom nuttig en leuk om beider biografieën op dit punt te vergelijken. Het zoeken van parallellen is vanuit een historisch oogpunt van belang omdat je zo het ontstaan, de functie en de betekenis van bepaalde verhalen beter kunt begrijpen. Het vinden van parallellen tussen Jezus en andere figuren (of juist het bestrijden daarvan) dient vaak ook een theologisch of ideologisch doel, maar dat valt buiten deze blogpost. Laten we maar gewoon de feiten op een rijtje zetten.

Diogenes Laërtius

De verhalen rond Empedocles’ dood kennen we uit Leven en leer van beroemde filosofen van Diogenes Laërtius (begin 3e eeuw n.Chr.). Dit lijkt rijkelijk laat, maar Diogenes gebruikt bronnen die eeuwen ouder zijn. In het vervolg zal ik naar zijn werk verwijzen met de afkorting DL.

Heraclides Ponticus

De meest interessante bron van Diogenes is de filosoof en Platoleerling Heraclides Ponticus (ca. 390 – na 322 v.Chr.). Hij schrijft ruwweg een eeuw na Empedocles’ dood. Zijn informatie zou hij gekregen kunnen hebben via de reizen die zijn leermeester Plato naar Sicilië maakte. Hoe dan ook, Heraclides vertelt het volgende verhaal over het verscheiden van Empedocles (DL 8.67-68).

Empedocles zou met een paar vrienden op een landgoed op Sicilië een offerfeest gevierd hebben. Toen het feest afliep, ging iedereen naar zijn rustplaats, maar Empedocles bleef op de plek van het feest. “Nadat bij het aanbreken van de dag de anderen waren opgestaan, was hij de enige die ze niet konden vinden.” Er werd een onderzoek ingesteld; een slaaf vertelde dat hij midden in de nacht een buitengewoon luide stem ‘Empedocles’ had horen roepen. Hij had aan de hemel een licht en een schijnsel van fakkels gezien. Empedocles’ vriend Pausanias liet mensen naar de filosoof zoeken, maar toen dat tevergeefs bleek, beschouwde hij het als een heilige zaak en gelastte hij dat men aan Empedocles moest offeren als voor iemand die een god geworden was.

Hippobotus en Diodorus

Hippobotus (rond 200 v.Chr.) heeft een aanvullend verhaal dat een ander licht op de zaak werpt (DL 8.69). Empedocles zou vertrokken zijn naar de Etna en erin zijn gesprongen om zijn goddelijke reputatie te bevestigen. Dit werd bekend omdat een van zijn bronzen sandalen door de vulkaan weer naar buiten werd geslingerd.

Diodorus van Efeze (4e eeuw v.Chr.?) vertelt (DL 8.70) dat Empedocles eens in de Siciliaanse stad Selinus de pest had verdreven door rivieren om te leiden. Op het feest dat erna werd gehouden, verscheen hij en werd aanbeden als een god. Om die status te bevestigen zou hij in zijn grootheidswaan in het vuur zijn gesprongen.

Deze beide verhalen veronderstellen het verhaal over Empedocles’ goddelijke status en zijn verdwijning, alleen geven ze er een hatelijke draai aan.

Timaeus

De Siciliaanse historicus Timaeus (ca. 350 – ca. 260 v.Chr.) heeft een veel kritischer kijk dan bovenstaande hagiografische dan wel polemische verhalen (DL 8.71-72). Hij gelooft daar geen snars van. Het feit dat er geen graf van Empedocles op Sicilië is geen bewijs voor zijn tenhemelopneming, want er zijn zoveel mensen zonder graf. En als het verhaal echt waar zou zijn, zou er toch wel een heiligdom geweest moeten zijn op het landgoed waar Empedocles in de hemel zou zijn opgenomen. Maar dat is er niet. Volgens Timaeus is Empedocles niet op Sicilië aan zijn einde gekomen, maar is hij naar de Peloponnesos (Zuid-Griekenland) vertrokken en aldaar waarschijnlijk overleden.

Vergoddelijking

In de verhalen over Empedocles is zijn goddelijke status tijdens zijn leven een terugkerend thema. De spoorloze verdwijning van Empedocles fungeert als bewijs van zijn opname bij de goden. De vergeefse zoektocht en het ontbreken van zijn graf zijn motieven die leiden tot de conclusie van verdwijning en dus van vergoddelijking. Deze interpretatie wordt door anderen bestreden, hetzij door bedrog aan Empedocles toe te schrijven, hetzij door een alternatieve verklaring voor zijn verdwijning te geven.

De verhalen over de verdwijning van het lichaam van Jezus uit zijn graf veronderstel ik als bekend. Van een zoektocht naar Jezus’ lichaam is niet direct sprake, wel van verschillende (inspectie)bezoeken aan het graf. Heeft de tuinman het lichaam verplaatst? Hebben de discipelen de boel willen bedriegen? De juiste interpretatie volgens de evangelisten geeft de engel (of engelen en/of Jezus zelf): hij is opgestaan.

Voor hoorders in de Romeinse tijd die al overtuigd zijn van Jezus’ meer dan menselijke status, is Jezus’ verdwijning met lichaam en al een onmiskenbaar teken dat hij in de hemel is opgenomen en als Heer aan Gods rechterhand heeft plaatsgenomen. Op dit punt is er een duidelijke parallel tussen de verhalen over Empedocles en de verhalen over Jezus.

Literatuur

  • El. Bickermann, ‘Das leere Grab’, Zeitschrift für die neutestamentliche Wissenschaft und die Kunde der älteren Kirche 23 (1924), 281-292.
  • Adela Y. Collins, ‘Ancient Notions of Transferral and Apotheosis in Relation to the Empty Tomb Story in Mark’, in: Turid Karlsen Seim and Jorunn Økland (eds.), Metamorphoses: Resurrection, Body and Transformative Practices in Early Christianity (Ekstasis 1). Berlin / New York: De Gruyter, 2009, 41-57.
  • Diogenes Laërtius, Leven en leer van beroemde filosofen (vert. Rein Ferwerda). Budel 2008.

Geef een reactie (alleen onder echte naam)

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s