De zoon van David buiten de Bijbel (4)

In deze blogpost keren we terug naar de Dode Zeerollen, en wel naar een commentaar op Genesis, 4Q Genesis Pesjera (4Q252). Dit is een parafraserend commentaar op enkele gedeelten uit Genesis waarin bepaalde exegetische problemen worden opgelost. Door een gelukkig toeval is het gedeelte over Jakobs zegen voor Juda bewaard gebleven. De kopie stamt uit de tweede helft van de eerste eeuw voor Christus.

Eerst even Genesis 49:10 volgens de NBV:

“In Juda’s handen zal de scepter blijven,
tussen zijn voeten de heersersstaf,
totdat hij komt die er recht op heeft,
die alle volken zullen dienen.”

Dan nu 4Q252 fr. 1, kol. 5, r. 1-4:

“[Nie]t zal wijken de scepter van de stam van Juda (Gen. 49:10a). Wanneer Israël heerschappij bezit [zal niet] iemand die op de troon van David is gezeten, worden afgesneden (Jer. 33:17). Want ‘de heersersstaf’ is het verbond van het koningschap [en de duizendta]llen van Israël zijn ‘de standaarden’. Totdat de gezalfde der gerechtigheid komt, de telg van David. Want aan hem en zijn nakomelingen is het verbond van het koningschap over zijn volk tot in eeuwige geslachten gegeven, dat (…).”

— Vertaling naar García Martínez e.a.

De laatste drie regels van dit fragment zijn lastiger te lezen en hebben betrekking op het onderhouden van de wet met “de mannen van de gemeenschap.” Hoe dan ook, de zegenspreuk voor Juda wordt hier uitgelegd in eschatologische zin. Alleen een davidide is een rechtmatige koning over Israël. Uiteindelijk zal er ook een zoon van David komen die door God gezalfd is en gerechtigheid herstelt. ‘De gezalfde der gerechtigheid’ wil zoveel zeggen als ‘de rechtvaardige gezalfde’ of ‘de gezalfde die gerechtigheid bewerkstelligt’ (vergelijk ‘de berg mijner heiligheid’ = ‘mijn heilige berg’).

Net als in de Psalmen van Salomo 17 wordt deze eschatologische koning gekenschetst als nakomeling van David en als gezalfde, een eigenschap van de door God verwekte koning van Israël (zie Ps. 2).

Literatuur

  • Florentino García Martínez, Eibert J.C. Tigchelaar (red.), The Dead Sea Scrolls: Study Edition. Dl. 1. Leiden 1997.
  • Florentino García Martínez, Adam van der Woude, in samenwerking met Mladen Popović, De rollen van de Dode Zee. Kampen 22007.

6 thoughts on “De zoon van David buiten de Bijbel (4)”

  1. “‘De gezalfde der gerechtigheid’ wil zoveel zeggen als ‘de rechtvaardige gezalfde’ of ‘de gezalfde die gerechtigheid bewerkstelligt’ (vergelijk ‘de berg mijner heiligheid’ = ‘mijn heilige berg’).”

    Ik heb ‘de berg mijner heiligheid’ altijd begrepen als ‘de berg waarop mijn heiligheid gemanifesteerd wordt’ (vanuit het Nederlands dan). Is dat incorrect?

  2. Hoi, nee, want dat is een omschrijving voor wat kort gezegd ‘mijn heilige berg’ is. Zo kun je dus ook zeggen ‘de gezalfde in/door wie gerechtigheid zich manifesteert’.

  3. Ehm, dat is denk ik afhankelijk van de context waarin de uitdrukking staat. In Ps. 2 is de ‘berg mijner heiligheid’ ‘de berg waarop mijn heiligheid zich manifesteert’ dwz de berg Sion die God heeft uitgekozen om in het bijzonder aanwezig te zijn. De heiligheid van de berg dankt de berg aan Gods aanwezigheid.

Geef een reactie (alleen onder echte naam)

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s